Brieven uit de gevangenis (blog)

Varkens beter af dan gedetineerden

Je kon er niet naast kijken. In geuren en kleuren werd in alle media het dierenleed van een varken geschouwd. Gaia, bij monde van zijn voorzitter, Michel Van den Bosche, maakte er bijna een staatszaak van. Ei zo na dienden alle F16’s teruggeroepen uit Jordanië en minister van landsverdediging Van de Putte had zijn staf al bijeengeroepen om extra budgetten te vragen aan de ministerraad. Jaren aan een stuk wordt er in de gevangenissen gesmeekt voor een meer menselijke invulling van de detentie. Hoewel het al 10 jaar in de wet staat, slaagt men er nog steeds niet in de individuele trajectbegeleiding van iedere gevangene te realiseren en op te volgen. Er werkt (is aanwezig) veel te veel veiligheidspersoneel en veel (véél) te weinig zorgend personeel. Gevangenissen en hun beleid zijn nog steeds 150 jaar achter en niemand reageert! Het beleid niet en zelfs de media niet.

Er is maar één triest besluit: de gevangenen zijn in Vlaanderen minder waard dan een varken.

Wat is jouw mening over …..het varken en de gedetineerde?

Waarom zamelen we geld in voor dit platform en onze beweging?

Graag proberen we een verantwoording te geven over waarom we geld inzamelen of een crowdfunding doen. We doen dit voor het opbouwen van een financieel platform voor behoeftige gedetineerden. Eerst moet men de term “behoeftige gedetineerden” nader omschrijven. Statistisch gezien is 80% van de gedetineerden in financiële nood. De oorzaken hiervan zijn velerlei. De helft daarvan slaagt erin om zich via vriendenkring of resterende familie te beredderen en/of via werkprestaties, alhoewel deze laatste zeer slecht betaald zijn. Een resterende helft, nog altijd 40%, heeft helemaal geen financiële middelen. Men kan deze laatste categorie catalogeren onder behoeftigen. We spreken hier niet langer over primaire behoeften (drank, voeding en slaapgelegenheid). We praten over een menselijke basisbehoefte, dat en alleen dat is een goede uitgangspositie voor “herstel en re-integratie”. Iemand die van zichzelf ervaart er helemaal niet bij te horen, krijgt alleen maar meer frustraties en vaker ook een neiging om zodra mogelijk opnieuw delicten te plegen. De eenzame, arme opsluiting maakt hen tot gefrustreerde paria’s die dan nog, meestal aangewakkerd door een gebrekkige opvoeding, opnieuw hun lot in eigen handen nemen, wat gelijk staat aan opnieuw met hand en tand af te nemen van in hun ogen “rijkeren”. Door de nieuwe wereldorde van altijd en overal communicatie, komen zij meestal in contact met over- geïdealiseerde situaties die in normale omstandigheden buiten hun bereik liggen. Het niet kunnen (of niet aangeleerd zijn, ook niet in de gevangenis) juist inschatten van begrippen als waarde en respect, zet de grens opnieuw open tot crimineel gedrag. We hebben er dus als maatschappij (iedereen in vrijheid) belang bij om te helpen deze situaties te verbeteren. Het is niet met meer straffen en afzonderen van normaal menselijk gedrag dat we onszelf zullen helpen. Wie oog heeft voor zichzelf en de medemens, moet ook helpen zorgen voor gedetineerden in moeilijke omstandigheden. Ok, er zijn een bepaalde categorie van gedetineerden van wie het delict van een dergelijke graad van “onmenselijkheid ” is, dat men hier alle hulp kan in twijfel trekken, maar dit is slechts 10% van het totaal. 90% is mits een goede aanpak best te herstellen. En omdat psychisch welbehagen voor ieder mens een absolute basisnorm is van een moderne, zichzelf respecterende maatschappij is, is het ook verklaarbaar behoeftige gedetineerden zo goed en zo kwaad mogelijk te ondersteunen.


Is dat dan niet aan de overheid?

Zoals altijd en overal komt onze overheid tekort in het volledig dragen van haar verantwoordelijkheden. Gebrek aan geld is de reden maar we mogen niet vergeten dat wijzelf die overheid vormen. Als we dan echt een praktisch steentje willen bijdragen,… waarvan we overtuigd zijn dat het helpt is het ondersteunen van onze stichting en dit platform. Het gebrek aan middelen bij de overheid is oorzaak van het feit dat opsluiting, zoals het voor bepaalden is, geen enkele zin heeft, wel integendeel. We creëren absoluut kleine tijdbommen waarvan het effect in ons gezicht terecht komt.

Hoe, waar en wat gaan we doen?
We omschrijven eerst een aantal basisbehoeften die ontbreken bij 40% (4000 personen) van de gedetineerden. We gaan proberen zoveel als mogelijk te helpen naar onze mogelijkheden en naar de eerste, belangrijkste noden. We maken ons sterk dat de zaken die we aanhalen echt noodzakelijk zijn, alhoewel sommigen ze zullen beschouwen als luxe. Maar nogmaals, we moeten geloven in een betere wereld en niet bestendigen wat slecht is.

Sociale contacten Een absolute basisbehoefte! Ieder mens heeft daar nood aan en nog meer in de gevangenis.
_ Telefoon: zonder geld, geen contact (> telefoonkrediet geven)
_ Postzegels en schrijfgerief: dit zijn allemaal aan te kopen extra’s binnen de gevangenis waarvoor je geld nodig hebt
_ Televisie: ter discussie maar een hedendaagse “noodzaak” (staat ook niet op nr. 1)
_ Computer: films, schrijfprogramma (idem als voor tv )
_ Bezoek: kleine hulp om familie te kunnen laten op bezoek komen. Heel belangrijk om de band te behouden zodat ze er bij hun thuiskomst niet helemaal alleen voor staan. De arme gevangenen zitten meestal in die noodsituatie.

Gezondheid Vele zaken in de gevangenis worden door de overheid opgevolgd, belangrijke dingen soms ook weer niet (lenzen, brillen, tandprotheses of andere protheses). Een moderne voeding – leefstijl verondersteld gezonde voeding. Fruit (2 à 3 stuks per dag ) en yoghurt (1 à 2 potjes per dag) zijn aangewezen. Ook hier moet grotendeels alles aangekocht worden. Dan spreken we nog niet over supplementen die het leven draaglijker moeten maken zoals een stuk chocolade, koffie, één maal per jaar een taart voor de verjaardag,….

Lichaamsverzorging
Alle producten zoals scheergerief, inclusief mousse, douche-gel, tandpasta enzovoort, dienen bijbetaald te worden. Haar knippen, kledij wassen….alles is betalend. Ik spreek dan wel over eigen kledij want wie wil er nog in “streepjeskledij” rondlopen? Met een beetje menswaardigheid en zelfrespect wil men er proper voorkomen. Er zijn nog tientallen andere zaken maar laat ons zeggen dat die meer tot het luxe segment van de gedetineerde behoren. U begrijpt dat dit een onmogelijke opdracht is om alles aan te vullen maar we vertrekken van de basisidee klein te beginnen en we zien wel waar het uitkomt. Onze doelstelling is om 10% van de meest nijpende noden te verhelpen het eerste jaar en dan zien we wel. Het is beter 10% dan helemaal niets. Het is een druppel op een hete plaat maar u begrijpt zelf dat zelfs al is het miniem, dit uiterst welkom is.

Waarom deze motivatie tot de oprichting van deze fondsenwerving (crowdfunding)
Allereerst, wij zijn mensen die er middenin zitten en die zien hoe erg het gesteld is met velen. Anderzijds hebben we ook begrip voor de reactie van de mensen. Eigen schuld, dikke bult. Zeg vooral niet “het zal mij nooit overkomen” en tenslotte – wat is schuld? Daar kan je een boek over schrijven. Passie, opvoeding of het gebrek daaraan, sociale status, geestelijke ontwikkeling, economische wantoestanden, psychische stoornissen en noem maar op. Zijn dit allemaal “eigen schuld” fenomenen of zijn dit alle fenomenen die gewoonlijk aan de basis liggen van delicten. Een delict verdient een bestraffing maar die moet bestaan uit meer dan vrijheidsberoving. Ze moet vooral heropvoeden, herscholen, bijsturen, genezen en niet een bron zijn van nieuwe conflictsituaties. Er zijn dus heel wat redenen om uw hulp in te roepen en we denken daarin aan twee zaken. Allereerst een kleine financiële bijdrage (5, 10, 20, 50 €…) naar uw eigen zin en mogelijkheden. Elk beetje helpt. Ten tweede en heel belangrijk, dat u uw vrienden oproept volger te worden van onze Facebook pagina en onze blog (liefst massaal en ook hun vrienden): The Port To Hell-o. Bij voorkeur vraag je hen ook om een kleine donatie te doen. Het gaat hem niet om veel geld maar wel om veel mensen. We willen echt dat ons internet-platform viraal gaat en samen met jullie miljoenen mensen besmet met het virus van wat licht te brengen in vele donkere tunnels. We zijn overtuigd dat u de grondige reden van onze oproep begrijpt en vergeet vooral niet, op middellange termijn heb je er zelf voordeel aan 🙂  

Multiculturele samenleving binnen de gevangenismuren

Als we het nieuws uit de buitenwereld horen, komen vooral de problemen met de Griekse staatsschuld, het gerommel binnen de federale regering en de strijd tegen de “jihadisten” aan bod. Voor de meeste gedetineerden allemaal problemen “ver van hun bed”. En toch… als we de samenleving binnen de gevangenismuren bekijken, blijken ook hier veel spanningen te bestaan. Dan zijn het niet de spanningen in relatie tot de cipiers maar vooral die tot bepaalde allochtone groepen. Ook wordt er wat afgekankerd over de onbegrijpbare houding van justitie, de Surb, de “onbereikbaarheid” van de PSD en de steeds weer veranderende leefregels, de bezoekregeling enz…

Zelfs het voedsel, dat in kwaliteit verminderd is, geeft soms aanleiding tot “nationalistische” bemerkingen zoals: weeral kip, weeral kalkoen, weeral couscous, wat is er verkeerd met onze Belgische keuken? Waarom moeten wij die “geislamiseerde troep” eten en wanneer krijgen we eens een stukje rund of een lekker koteletje? Gelukkig worden de meeste autochtonen geholpen door hun familie en vrienden zodat de kantinelijst hen kan helpen om nog eens iets goed Belgisch te bereiden. Maar ook daar wringt regelmatig het schoentje want de “keukenmomenten” in Blok C van P.I. Beveren worden voor 75% ingenomen door allochtonen, die vaak ook nog een keuken onverzorgd achterlaten… ‘die Belgische fatik moet de keuken maar opruimen’.

Tijdens de open momenten worden de speeltafels ingenomen door de allochtonen en krijgen de anderen weinig gelegenheid om te poolen of de wi-fi installatie te gebruiken. Als een groep samen zit in de wachtzaal voor bezoek of griffie wordt de rust vooral verstoord door onze Noord-Afrikaanse “broeders” en overstemmen zij elke communicatie met hun Arabisch gebrabbel. Men waant zich op die momenten in de “souks” van Marrakech of Casablanca. Op die momenten voel je jezelf als Belg verloren en een minderheidsgroep zonder rechten. Ook de eerder brutale wijze waarop deze allochtone en vooral Noord-Afrikaanse zendelingen met de cipiers omgaan, getuigt vaak van een gebrek aan beleefdheid, een gebrek aan respect voor onze cultuur, een gebrek aan respect voor hun omgeving. Hetzelfde maak je mee tijdens de open momenten en vrees je het moment dat diezelfde allochtonen je aanspreken met “vriend of “broeder”. Als zij die termen gebruiken tegen de “autochtone” gedetineerden weet je dat ze iets nodig hebben. Dat zijn de momenten dat ze zonder krediet zitten om naar huis te bellen of dat ze zonder tabak zitten en van jou wat tabak en blaadjes willen lenen. Ondertussen maken ze de inventaris op van je cel, dan weten ze wat ze nog kunnen lenen. De term “lenen” heeft voor hen een heel andere betekenis dan datgene wat in het groene boekje van de Nederlandse taal staat. Voor de allochtonen staat lenen gelijk aan “gegeven is gegeven” en eens ze hun buit binnen hebben, ben je de titel van vriend of broer onmiddellijk kwijt.

Het lijkt er vaak op dat het allochtone deel van de gevangenisbevolking meer rechten heeft dan de autochtonen. Als een allochtoon in korte broek naar het sportterrein loopt, krijgt hij in de meeste gevallen geen bemerkingen. Durft een autochtoon in een korte broek tot net boven de knie naar het sportveld gaan, wordt hij verplicht een lange broek te dragen. Zo gebeurt het ook dat bepaalde personen hun “djellabah”, het Marokkaanse slaapkleed, dragen tijdens de “vrije momenten”, zelfs met kap. Als we dan als autochtoon vragen waarom hij of zij wel hun djellabah mogen dragen, wordt ons gezegd dat we ons moeten aanpassen aan de multiculturele samenleving. Wij, die de meeste aanpassingen al verdragen, zoals het ver-islamiseerd voedsel en de Arabische muziek, moeten ons nogmaals aanpassen, omdat we mogelijk racistisch zouden kunnen overkomen.

Het lijkt er ook op dat deze Noord Afrikaanse Belgen vaker aan hun dossier kunnen werken bij de PSD of sneller een afspraak krijgen. Soms hebben we de indruk dat we een beroep zouden moeten doen op de vzw Gelijke kansenbeleid of een vzw die zich bezig houdt met de rechten van de minderheidsgroepen, om als echte autochtoon dezelfde rechten te krijgen binnen een Belgische gevangenis als de allochtone gedetineerden. Ook wij, autochtone gedetineerden, hebben recht op werk binnen de gevangenis. Ook wij hebben recht op respect voor onze Belgische cultuur en cultuurbeleving. Ook wij hebben recht op dezelfde faciliteiten, dezelfde toegangsmogelijkheden als onze “gekleurde” inmates. Er wordt vaak verkondigt dat zij die de meeste last of problemen maken, het snelst “bediend” zullen worden. Wij vragen beleefd om minder gediscrimineerd te worden in ons eigen land, onze cultuurbeleving.

P. uit P.I. Beveren

IMG_2506

IMG_2505

Gevangenschap slechter dan kanker

Beste lezer,

Marnic en Pieter schreven dit artikel samen. Ze verblijven op dit moment in de gevangenis van Beveren. 

Kanker is één van de meest gevreesde Westerse beschavingsziektes. Het overkomt alle generaties, jong of oud en alle families. De algemene verspreiding van kanker met vaak noodlottige afloop, heeft bij de meeste mensen een waar angstsyndroom doen ontstaan. Zowel binnen de wetenschappen en de geneeskunde worden enorm veel inspanningen geleverd om de ziekte te bestrijden, te stabiliseren of te genezen. Veel wetenschappelijk onderzoek, dure medicatie en nog steeds dure therapieën worden ontwikkeld om te pogen zoveel mogelijk mensen te redden. Men wil koste wat het kost het aantal kankers afremmen en ze zijn daar voor de behandeling van bepaalde kankers ook in geslaagd.

Waarom durven wij in de titel van dit artikel deze eerder oneerbiedige vergelijking maken tussen kanker en gevangenschap?

Kanker is een aandoening waar niemand iets kan aan doen. Je krijgt het ( meestal) zomaar. Hier en daar is gewezen op erfelijkheid, gebruik van tabak, ongezonde leefgewoonten en/of d aanwezigheid van carcinogene stoffen in de omgeving, het milieu.

Gevangenschap is meestal je “eigen schuld ” en dus niet te vergelijken met kanker of een carcinogene aandoening. Nochtans zijn er op dit vlak ook al tal van wetenschappelijke studies verschenen die er op wijzen dat tussen de 75 en 85% van de delicten het gevolg zijn van externe factoren.Net zoals bij kanker er sprake kan zijn van externe factoren is dit in 75% van de delicten ook zo. Als we de studies van gedragspsychologen, criminologen, sociologen, psychiaters e.a. ontleden, liggen vaak externe factoren aan de basis van een delinquent of norm afwijkend gedrag. Denk hierbij aan emoties, verslaving, opvoeding, socio-economische omstandigheden, die aan de basis kunnen liggen van strafbaar of norm afwijkend gedrag.

Waar men in de behandeling van kanker de externe factoren tracht in beeld te brengen en te verminderen en men dure therapieën voorschrijft voor de behandeling, wordt bij een veroordeling wegens strafbaar gedrag de vrijheidsberoving voorgeschreven en uitgevoerd. Of die vrijheidsberoving een ideale oplossing is voor strafbaar gedrag wordt door enkelingen in vraag gesteld maar blijft voor justitie nog altijd de enige oplossing. In plaats van te investeren in rehabilitatie en re-integratie, wordt het geld van het gevangeniswezen gebruikt om menselijk kapitaal te laten verkwijnen.

Meer aandacht zou moeten geschonken worden aan herstel, heropvoeding, genezing en het scheppen van nieuwe kansen voor gedetineerden of ex-gedetineerden. Hiervoor is een andere omkadering en een mentaliteitsverandering noodzakelijk. In het huidige systeem ontbreekt het niet alleen aan geld maar vooral aan visie en meer bepaald een lange termijn visie. Er wordt nog altijd veel meer energie en geld gestoken in beveiliging dan in herstel, rehabilitatie en/of genezing. De echte zorgverleners in de penitentiaire instellingen zijn te beperkt in aantal en middelen. Nog te veel aandacht gaat naar criminogenèses en de uitvoering van de straf, dan naar het voorkomen van recidive.

Niettegenstaande de overheid in 2005 de zorgverlening binnen de gevangenis wettelijk bepaald heeft, lukt het diezelfde overheid niet om dit deftig te organiseren. Veelal wordt het excuus gebruikt dat dit komt door een gebrek aan financiële middelen. Het gebrek aan een duidelijke en menselijke visie is ons inziens de hoofdoorzaak.

De huidige aanpak inzake vrijheidsberoving leidt ertoe dat mensen psychisch dood gemaakt worden. De mens wordt herleid tot een “crimineel”, wat gelijk staat met een nummer, een object.

De gevangene verliest zijn menselijke waardigheid, zijn persooonlijkheid. Voor de langgestraften wordt de gevangenis een afdaling in “Hadès”, een helletocht, waarbij ze er vaak slechter uitkomen dan ze werden opgenomen. Vele gevangenen en vooral de langgestraften, verlaten de gevangenis zonder enige toekomstvisie, met verlies van job, vaak ook verlies van woning, sociale en/of familiale contacten en een stilstaand beeld inde tijd. Weinigen zijn nog gemotiveerd en worstelen met de verwerking van de opgelopen frustraties.

Het wordt tijd dat politici, beleidsmakers, justitiemedewerkers en de maatschappij een moderne, sociale kijk krijgen op de detentie en de gedetineerden. Er moet echt aandacht besteed worden aan rehabilitatie en re-integratie. Ook gedetineerden vertegenwoordigen een waardevol maatschappelijk kapitaal.

Een sociale visie op detentie betekent niet “straffeloosheid” maar wel een andere aanpak van detentie. Er moet geïnvesteerd worden in mensen en een systeem dat de mensen beter moet maken en dit in de tijd die nodig is. De tijd van lineaire straffen in de tijd zou moeten omgeschakeld worden naar een tijd van effectieve begeleiding en opvolging. Individuele trajectbegeleiding en opvolging zou moeten ingevoerd worden, met een vorm van deliberatie aan het einde van het traject.

Laat ons de “kanker” die gevangenis genoemd wordt uitroeien met alle middelen en streven naar instellingen waar gevangenen een traject doorlopen en een toekomstvisie leren ontwikkelen. Detentiehuizen moeten ontmoetingsplaatsen worden tussen gedetineerden en de maatschappij.

Wie ben ik ?

Beste lezer,
Wij brengen u graag een nieuw artikel geschreven door een van de geïnterneerden van P.I. Beveren over identiteit tijdens een verblijf in de gevangenis.

Tot vorig jaar wist ik nog duidelijk wie ik was of wat ik was, totdat de vierschaar besloot mij een andere status aan te meten. Vanaf dat moment kreeg ik de status van “crimineel ” met alle voordelen aan die status verbonden. Er werd mij een staatshotel met all-in formule toegewezen. Wist ik op dat ogenblik veel wat dat zou kunnen betekenen.

Nadat ik ingetreden was in de broederschap van de gevangenen leerde ik vrijwel onmiddellijk wie ik was en wat ik was. In de eerste plaats werd ik een nummer, iets, een ding zonder rechten en alleen maar plichten en regeltjes. Ik veranderde van een persoon tot “une chose oubliable”, iets om op te sluiten en te vergeten. Ook de omgeving deed het gevoel van ” vergeetput” sterker aanvoelen. Er is slechts één voordeel aan dit feit en dat is dat je tijd te over hebt om na te denken en het gevangenissysteem te observeren en te bestuderen. Mogelijk een ander voordeel is het feit dat elke keer je je cel verlaat, een “massage” krijgt, door de beambten ook wel “fouille” genoemd.

Los van deze zaken heb ik veel geleerd en vele zaken zullen achteraf nog lang nazinderen. Ook heb ik geleerd dat termen als sociale relaties, re-integratie en rehabilitatie loze woorden zijn. Net zoals de rechters vertrekken de gevangenisdirectie, psychologen en dus ook een groot aantal cipiers van een negatief mensbeeld. De visie ligt mijns inziens ook aan de basis van het feit dat men een enorm menselijk kapitaal onbenut opsluit. Er zijn gelukkig beambten, chefs genoemd, die gerespecteerd worden maar die ook de gevangenen respecteren in hun zijn. Maar hier wilde ik niet over schrijven, dat is misschien iets voor een comic book.

Wat voor mij belangrijk was en is, is dat ik niet slechts een nummer ben maar ook een persoon met verschillende “ik-ken”. In een boekje over kinderfilosofie vond ik een zin die mij deed nadenken. Wij bestaan uit heel veel “ik-ken” die samen mijn ik vormen. Zo leerde ik dat ik niet alleen een gevangene of een crimineel ben maar ook een “opgelegd contact” voor de andere medegevangenen. Vriendschap kan of wil ik dit niet noemen maar gedwongen contacten waarbij het ene contact al wat vlotter verloopt dan het andere. Tijdens het bezoek leer je dan dat je naast gevangene of crimineel ook nog vader, grootvader, schoonvader, broer of echtgenoot bent. Deze gevoelens en soms ook beslommeringen kan je dan meenemen naar je cel om toch maar niet die “quantité oubliable” te zijn. Eens op de cel worden die gedachten even gekoesterd, tot er weer eens een slimmerik komt kijken of je niet bezig bent om een “drone” te ontwikkelen waar je zou mee kunnen ontsnappen. Hoe we het gewapend glas, de stalen bouten van 1,5 duim dik,een zestal, die zelf nog 30cm in de beton verankerd zijn, zouden verwijderen, is nog niet tot hun brein doorgedrongen.

Waar er binnen een penitentiair systeem er voor de gevangenen vier belangrijke zaken zijn, nl. ontspanning, voeding – huisvesting, bezigheid en bezoek, lijkt dit bij justitie een project voor de volgende eeuw. Eens een gevangene zijn straf heeft uitgezeten blijft hij gestigmatiseerd. Waar men in de werkelijke wereld zijn “schuld” heeft afbetaald, begint men met een nieuwe lei. Iemand die zijn straf heeft uitgezeten kan na 5 jaar eerherstel aanvragen. Nogmaals bijkomende bezigheidstherapie voor rechters die nu al “overwerkt” zijn.

Ik vraag me dan ook af of ik na mijn verblijf in het staatshotel, nog één van die “ik” figuren ben of kan zijn. Ik vraag me verder af of ik ook een dubbele naam zal krijgen zoals vader-crimineel, grootvader-crimineel, echtgenoot-crimineel,…

Ooit hoop ik dat de gerechtelijke macht en ook onze politici zouden kunnen vertrekken van een positief mensbeeld. Soms lijkt het mij dat zowel de gerechtelijke overheid en de politici de mening toegedaan zijn dat, eens men veroordeelt is, de veroordeelde zijn intelligentie, zijn verworven vaardigheden verliest en verandert in een analfabeet.

Het zou mooi zijn indien een gevangene ook rechten heeft en dan bedoel ik ook afdwingbare rechten, die hem later niet kunnen aangewreven worden. In de PI Beveren maakt men gebruik van het Prison Cloud systeem, dit voor het ” comfort” van de gevangenen. Hierbij wordt dan wel vergeten te melden dat dit systeem vooral gebruikt wordt om een psychologisch profiel van de gevangene op te maken. Dit betekent dat ook de PSD, psycho sociale dienst, een “ik” status over mij opstelt waar ik totaal geen inzage in heb.

Het is dan ook logisch dat ik mij de vraag stel: ” Wie ben ik ” ?